Keuze en gebruik

Begrippen over gaas en kompressen in gewone taal

Van non-woven tot retentie: begrijp het woord en herken de productfunctie.

Vaktermen worden op de productpagina’s uitgelegd. Hier vindt u ze bij elkaar. Gebruik de woorden om een productvraag duidelijk te maken; ze vormen geen diagnose of behandeladvies.

Absorptie
Vocht opnemen in een materiaal.
Achterzijde
De kant van het product die naar buiten is bedoeld; die kan anders zijn dan de wondzijde.
Alginaat
Een vezelmateriaal dat in het beschreven verband bij vochtopname gel vormt.
Anatomische vorm
Een vorm die voor een bepaald lichaamsgebied is gemaakt, bijvoorbeeld hiel of heiligbeen.
Artikelcode
De herkenningscode van de exacte uitvoering. Een code is niet vanzelf een maat of een kwaliteitsrang.
Border
Een rand rond het middendeel van het verband.
Blister
Een gevormde harde verpakking die bij sommige sets ook een werkfunctie heeft.
Canule
Een buisje met een medische functie. Het type bepaalt welke zorg nodig is.
Cellulose-acetaat
De drager die Van Heek bij het synthetische HEKA Syntec-zalfkompres beschrijft.
CMC
Carboxymethylcellulose, een materiaal in de beschreven alginaatopbouw.
Cohesief
Aan zichzelf hechtend, zoals de lagen van HEKA Haft.
Comprimeren
Druk uitoefenen. Fixeren en therapeutisch druk geven zijn verschillende opdrachten.
Contactlaag
De laag die de wond raakt. Deze kan apart zijn of in een verband zijn ingebouwd.
Drain
Een slangetje om bijvoorbeeld vocht af te voeren.
Exsudaat
Wondvocht. Exsuderend betekent vochtafgevend.
Fixatie
Een gekozen verband of hulpmiddel op zijn plaats houden.
Foam
Engels voor schuim; in deze productgroep gaat het om absorberend schuimverband.
Gaas
Een materiaalnaam. Gaas kan bijvoorbeeld tot een kompres zijn gevouwen.
Gemetalliseerd
Hier: voorzien van een aluminium wondcontactlaag.
Granulatie
Vorming van nieuw weefsel in een wond. De beoordeling daarvan hoort bij de wondzorg.
Hemostatisch
Bloedstelpend; het woord kan een specifieke productwerking beschrijven.
Hydrofiel
Wateropnemend. Het zegt niet dat het product steriel of niet-verklevend is.
Hydrogel
Een waterrijke gel. De exacte productnaam bepaalt de functie en gebruiksinstructie.
Intacte huid
Huid die niet open is.
Kaolien
De actieve stof die Van Heek bij QuikClot Combat Gauze noemt.
Kompres
Een gevormd product voor een bepaalde taak; het kan uit verschillende materialen bestaan.
Laagtal
Het aantal samengevoegde of gevouwen lagen. Het is niet hetzelfde als draaddichtheid.
Maceratie
Verweking van huid door vocht. Een verbandkeuze daartegen hoort bij de zorgafspraak.
Non-woven
Niet-geweven vezelvlies, dus geen raster van kruislings geweven draden.
Omverpakking
Een verpakking met meerdere kleinere verkoopeenheden.
Paraffine
Een vettig materiaal in de beschreven zalfkompressen.
PE
Polyethyleen; in een product kan het bijvoorbeeld drager of contactafwerking zijn.
Peel-open
Een afsluiting die wordt afgepeld om de verpakking te openen.
Polstering
Een zachte onderlaag binnen een grotere verbandopbouw.
PU
Polyurethaan; gebruikt in bepaalde schuim- en folielagen.
Referentienummer
Een extra identificatienummer. De fabrikant kan meerdere soorten codes gebruiken.
Retentie
Het vasthouden van vocht dat al is opgenomen.
Sacrum
Heiligbeen, laag in de rug boven de bilspleet.
Secundair verband
Een volgende verbandlaag, bijvoorbeeld een absorberende laag boven een contactlaag.
Siliconen
Een materiaal dat afhankelijk van het product als wondcontact- of huidkleeflaag kan dienen.
Snelverband
Een product waarin wondkussen en fixatiemateriaal zijn gecombineerd.
Steriel
Een afzonderlijke productstatus die bij intacte verpakking en zorgvuldig gebruik hoort.
Volvlakfixatie
Brede bevestiging over een vlak; zonder automatisch een eigen wondkussen te bevatten.
Wondbedekking
Het product of de combinatie die voor het bedekken van een wond is gekozen.
Zalfkompres
Een gaas of andere drager met een aangebracht vettig materiaal, zoals paraffine.

Begin bij de productrollen of zoek een productpagina.